<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	>

<channel>
	<title>BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</title>
	<atom:link href="https://boekmar.nl/feed/" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>https://boekmar.nl/</link>
	<description>Administratiekantoor in Bodegraven</description>
	<lastBuildDate>Tue, 30 Nov -001 00:00:00 +0000</lastBuildDate>
	<language>nl-NL</language>
	<sy:updatePeriod>
	hourly	</sy:updatePeriod>
	<sy:updateFrequency>
	1	</sy:updateFrequency>
	

<image>
	<url>https://boekmar.nl/ziw22/wp-content/uploads/2023/10/cropped-favicon-BoekMar-1-32x32.png</url>
	<title>BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</title>
	<link>https://boekmar.nl/</link>
	<width>32</width>
	<height>32</height>
</image> 
	<item>
		<title>Slotkoers voorafgaande maand toegestaan bij waardering dividend in vreemde valuta</title>
		<link>https://boekmar.nl/slotkoers-voorafgaande-maand-toegestaan-bij-waardering-dividend-in-vreemde-valuta/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[BoekMar]]></dc:creator>
		<pubDate>Thu, 02 Jul 2026 04:00:00 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Vennootschapsbelasting]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://im-67648</guid>

					<description><![CDATA[<p>Een Nederlandse bv ontvangt dividend van haar Chinese dochtermaatschappij. Zij waardeert de dividendvordering in euro's tegen de slotkoers van de maand voorafgaand aan de transactie, zoals de concernrichtlijnen voorschrijven. De inspecteur vindt dat</p>
<p>Het bericht <a href="https://boekmar.nl/slotkoers-voorafgaande-maand-toegestaan-bij-waardering-dividend-in-vreemde-valuta/">Slotkoers voorafgaande maand toegestaan bij waardering dividend in vreemde valuta</a> verscheen eerst op <a href="https://boekmar.nl">BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Een Nederlandse bv ontvangt dividend van haar Chinese dochtermaatschappij. Zij waardeert de dividendvordering in euro&#39;s tegen de slotkoers van de maand voorafgaand aan de transactie, zoals de concernrichtlijnen voorschrijven. De inspecteur vindt dat zij de dagkoers had moeten gebruiken en legt een navorderingsaanslag op. De correctie bedraagt ruim &euro; 7,4 miljoen. Is het waarderingssysteem van de bv in overeenstemming met goed koopmansgebruik?</p>
<h4>Dividend uit China</h4>
<p>De bv is de Nederlandse tak van een beursgenoteerd logistiek concern en houdt belangen in meer dan 200 dochtermaatschappijen wereldwijd. In augustus 2015 keert een Chinese dochter een dividend uit, van omgerekend ruim &euro; 106 miljoen. De uitbetaling vindt pas in november plaats, omdat de goedkeuring van de Chinese fiscale autoriteiten voor een verlaagd tarief bronbelasting op zich laat wachten. De bv activeert de dividendvordering tegen de slotkoers van juli 2015 en waardeert de ontvangen betalingen tegen de slotkoers van oktober 2015. Dat levert een koersverlies op van bijna &euro; 2,5 miljoen.</p>
<h4>Inspecteur wil dagkoersen</h4>
<p>De inspecteur is het niet eens met deze werkwijze. Hij stelt dat de bv de dagkoers van de transactie had moeten hanteren en komt dan niet uit op een verlies, maar op een koerswinst van bijna &euro; 5 miljoen. De correctie van ruim &euro; 7,4 miljoen leidt tot een navorderingsaanslag over 2015 en doorwerking naar 2016. De inspecteur betoogt dat het waarderingssysteem van de bv in strijd is met goed koopmansgebruik, met de deelnemingsvrijstelling en met het totaalwinstbeginsel. Bovendien zou de interne concernovereenkomst onzakelijk zijn.</p>
<h4>Waarom de slotkoers?</h4>
<p>De bv legt uit dat alle concernonderdelen gebonden zijn aan een interne bankovereenkomst en aan concernbrede boekhoudvoorschriften. Deze schrijven voor dat transacties in vreemde valuta worden gewaardeerd tegen de slotkoers van de voorafgaande maand. Het waarderingssysteem heeft valide bedrijfseconomische redenen: de valutarisico&#39;s worden geconcentreerd bij de inhouse bank van het hoofdkantoor. Bovendien sluiten de administraties van alle concernonderdelen op deze manier goed op elkaar aan. Dit vergemakkelijkt het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening. De bv past dit systeem al decennialang bestendig toe.</p>
<h4>Goed koopmansgebruik</h4>
<p>De rechtbank oordeelt dat het waarderingssysteem van de bv in overeenstemming is met goed koopmansgebruik. Bedrijfseconomische inzichten en de civielrechtelijke werkelijkheid zijn leidend, zolang geen strijd ontstaat met een uitdrukkelijk wettelijk voorschrift. Daarvan is hier geen sprake. De bv heeft immers niet meer dividend ontvangen dan het in haar aangifte verantwoorde bedrag, zodat geen strijd is met de deelnemingsvrijstelling of het totaalwinstbeginsel. Dat de koers van de Chinese yuan ten opzichte van de euro grillig is, doet daar niet aan af. Het systeem beantwoordt aan zowel het realiteitsbeginsel als het eenvoudsbeginsel. De inspecteur heeft bovendien niet aannemelijk gemaakt dat de bv zich door het systeem structureel winst laat ontgaan. De rechtbank vernietigt de navorderingsaanslagen.</p>
<div style="font-size:smaller" class="im_source">Bron:Rechtbank Noord-Holland | jurisprudentie | ECLI:NL:RBNHO:2026:4173 | 14-04-2026</div>
<p>Het bericht <a href="https://boekmar.nl/slotkoers-voorafgaande-maand-toegestaan-bij-waardering-dividend-in-vreemde-valuta/">Slotkoers voorafgaande maand toegestaan bij waardering dividend in vreemde valuta</a> verscheen eerst op <a href="https://boekmar.nl">BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Geen box 3-vermindering voor niet-bezwaarmakers 2017-2020</title>
		<link>https://boekmar.nl/geen-box-3-vermindering-voor-niet-bezwaarmakers-2017-2020/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[BoekMar]]></dc:creator>
		<pubDate>Thu, 25 Jun 2026 04:00:00 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Inkomstenbelasting]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://im-67656</guid>

					<description><![CDATA[<p>Een belastingaanslag waarbij voor de jaren 2017 tot en met 2020 te veel inkomstenbelasting in box 3 is geheven, hoeft niet te worden verminderd als die aanslag definitief is komen vast te staan v&#243;&#243;r het zogenoemde Kerstarrest van de</p>
<p>Het bericht <a href="https://boekmar.nl/geen-box-3-vermindering-voor-niet-bezwaarmakers-2017-2020/">Geen box 3-vermindering voor niet-bezwaarmakers 2017-2020</a> verscheen eerst op <a href="https://boekmar.nl">BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Een belastingaanslag waarbij voor de jaren 2017 tot en met 2020 te veel inkomstenbelasting in box 3 is geheven, hoeft niet te worden verminderd als die aanslag definitief is komen vast te staan v&oacute;&oacute;r het zogenoemde Kerstarrest van de Hoge Raad van 24 december 2021. Dat heeft de Hoge Raad beslist in twee zaken die als proefprocedures waren voorgelegd.</p>
<h4>Kerstarrest</h4>
<p>In het Kerstarrest is geoordeeld dat het box 3-stelsel vanaf 2017 een inbreuk vormt op het discriminatieverbod en het eigendomsrecht als het fictieve rendement hoger is dan het werkelijke rendement. Aanslagen moeten dan worden verminderd. De wettelijke regeling kent echter een uitzondering. Een vermindering vindt niet plaats als de onjuistheid van de aanslag voortvloeit uit rechtspraak die pas is gewezen nadat de aanslag definitief is geworden. De Hoge Raad heeft in 2022 al beslist dat het Kerstarrest &#39;nieuwe jurisprudentie&#39; is.</p>
<h4>Gelijke behandeling en evenredigheid</h4>
<p>De Hoge Raad ziet geen reden terug te komen van zijn eerdere beslissing uit 2022. Personen die niet tijdig bezwaar hebben gemaakt, verkeren niet in dezelfde positie als wel-bezwaarmakers, waardoor van discriminatie geen sprake is. De uitzondering voor &#39;nieuwe jurisprudentie&#39; is ook niet in strijd met het evenredigheidsbeginsel. De doelen van rechtszekerheid en praktische overwegingen zijn legitiem en de nadelige gevolgen voor niet-bezwaarmakers zijn niet onevenredig. Bijzondere omstandigheden die tot een ander oordeel zouden leiden, zijn niet gesteld. Het beroep in cassatie is ongegrond verklaard.</p>
<div style="font-size:smaller" class="im_source">Bron:Hoge Raad | jurisprudentie | ECLI:NL:HR:2026:907 | 24-06-2026</div>
<p>Het bericht <a href="https://boekmar.nl/geen-box-3-vermindering-voor-niet-bezwaarmakers-2017-2020/">Geen box 3-vermindering voor niet-bezwaarmakers 2017-2020</a> verscheen eerst op <a href="https://boekmar.nl">BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Grootboekkaarten volstaan niet voor aftrek voorbelasting</title>
		<link>https://boekmar.nl/grootboekkaarten-volstaan-niet-voor-aftrek-voorbelasting/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[BoekMar]]></dc:creator>
		<pubDate>Thu, 25 Jun 2026 04:00:00 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Omzetbelasting]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://im-67649</guid>

					<description><![CDATA[<p>Een bv brengt over de jaren 2014 tot en met 2017 forse bedragen aan voorbelasting in aftrek. Bij een boekenonderzoek blijkt dat zij voor een groot deel van die aftrek geen facturen kan overleggen. De bv verwijst naar haar grootboekkaarten, maar de</p>
<p>Het bericht <a href="https://boekmar.nl/grootboekkaarten-volstaan-niet-voor-aftrek-voorbelasting/">Grootboekkaarten volstaan niet voor aftrek voorbelasting</a> verscheen eerst op <a href="https://boekmar.nl">BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Een bv brengt over de jaren 2014 tot en met 2017 forse bedragen aan voorbelasting in aftrek. Bij een boekenonderzoek blijkt dat zij voor een groot deel van die aftrek geen facturen kan overleggen. De bv verwijst naar haar grootboekkaarten, maar de inspecteur legt naheffingsaanslagen op van in totaal ruim &euro; 64.000.&nbsp;</p>
<h4>Forse aftrek, weinig facturen</h4>
<p>De bv heeft over 2014 bijna &euro; 70.000 aan voorbelasting in aftrek gebracht, verdeeld over de vier kwartalen. In de jaren daarna fluctueren de bedragen sterk: van slechts &euro; 51 in het derde kwartaal van 2015 tot ruim &euro; 13.000 in het tweede kwartaal van 2016. Bij het boekenonderzoek kan de bv echter alleen facturen overleggen voor managementvergoedingen. Die facturen onderbouwen slechts een klein deel van de geclaimde aftrek. Voor het overige beschikt de bv alleen over grootboekkaarten.</p>
<h4>Was de naheffingsaanslag 2014 op tijd?</h4>
<p>De bv voert aan dat zij de naheffingsaanslag 2014 pas begin januari 2020 heeft ontvangen, terwijl de naheffingstermijn op 31 december 2019 verstreek. Zij betwist dat de inspecteur de aanslag tijdig ter post heeft bezorgd. De inspecteur toont echter een verzendrapportage, waaruit blijkt dat de naheffingsaanslag op 24 december 2019 aan PostNL is aangeboden. De rechtbank acht daarmee aannemelijk dat de aanslag tijdig is verzonden naar het juiste adres. De naheffingsaanslag 2014 is dus binnen de termijn opgelegd. Dat de bv de aanslag pas in januari 2020 ontving, doet daar niet aan af.</p>
<h4>Bewijslast rust op de ondernemer</h4>
<p>De rechtbank beoordeelt vervolgens de aftrek van voorbelasting. Tussen partijen staat niet ter discussie dat de bv recht heeft op aftrek van de btw op de facturen voor de managementvergoedingen. Het geschil spitst zich toe op de posten waarvoor geen facturen zijn. De bv verklaart zelf dat zij de aftrek voor deze posten alleen kan onderbouwen met grootboekkaarten. De rechtbank oordeelt dat dit onvoldoende is.</p>
<h4>Factuur is vereiste voor aftrek</h4>
<p>Een ondernemer kan de btw die andere ondernemers aan hem in rekening hebben gebracht alleen in aftrek brengen als die btw vermeld staat op een op de voorgeschreven wijze opgemaakte factuur. Zonder factuur bestaat dus geen recht op aftrek, hoe overtuigend de grootboekkaarten ook mogen zijn. De naheffingsaanslagen zijn terecht opgelegd. De vergrijpboeten worden wel vernietigd, omdat beide partijen het daarover eens zijn.</p>
<div style="font-size:smaller" class="im_source">Bron:Rechtbank Zeeland-West-Brabant | jurisprudentie | ECLI:NL:RBZWB:2026:4871 | 02-06-2026</div>
<p>Het bericht <a href="https://boekmar.nl/grootboekkaarten-volstaan-niet-voor-aftrek-voorbelasting/">Grootboekkaarten volstaan niet voor aftrek voorbelasting</a> verscheen eerst op <a href="https://boekmar.nl">BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Wet invoering rechtsvermoeden van arbeidsovereenkomst op basis van uurtarief aangenomen</title>
		<link>https://boekmar.nl/wet-invoering-rechtsvermoeden-van-arbeidsovereenkomst-op-basis-van-uurtarief-aangenomen/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[BoekMar]]></dc:creator>
		<pubDate>Thu, 25 Jun 2026 04:00:00 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Arbeidsrecht]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://im-67585</guid>

					<description><![CDATA[<p>De Eerste Kamer heeft het wetsvoorstel invoering rechtsvermoeden van arbeidsovereenkomst op basis van uurtarief aangenomen. Dit wetsvoorstel wijzigt Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek door het invoeren van een rechtsvermoeden van werknemerschap bij</p>
<p>Het bericht <a href="https://boekmar.nl/wet-invoering-rechtsvermoeden-van-arbeidsovereenkomst-op-basis-van-uurtarief-aangenomen/">Wet invoering rechtsvermoeden van arbeidsovereenkomst op basis van uurtarief aangenomen</a> verscheen eerst op <a href="https://boekmar.nl">BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>De Eerste Kamer heeft het wetsvoorstel invoering rechtsvermoeden van arbeidsovereenkomst op basis van uurtarief aangenomen. Dit wetsvoorstel wijzigt Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek door het invoeren van een rechtsvermoeden van werknemerschap bij een laag uurtarief. Deze maatregel heeft als doel laagbetaalde zzp&rsquo;ers, die vaak kwetsbare werkenden zijn, beter te beschermen tegen schijnzelfstandigheid.</p>
<h4>Drempel en doel</h4>
<p>Het rechtsvermoeden geldt voor zzp&rsquo;ers die minder dan &euro; 38 per uur (peildatum 1 januari 2026) verdienen. De introductie van dit vermoeden maakt het voor deze zzp&rsquo;ers eenvoudiger om hun rechtspositie als werknemer op te eisen bij de werkgevende en, indien nodig, bij de rechter.</p>
<h4>Gevolgen voor opdrachtgevers</h4>
<p>Wanneer zzp&rsquo;ers een beroep doen op dit rechtsvermoeden, moeten de opdrachtgevers aantonen dat er geen sprake is van een arbeidsovereenkomst. Als opdrachtgevers dit niet kunnen bewijzen, is er sprake van schijnzelfstandigheid. In dat geval heeft de zzp&rsquo;er recht op de bescherming die hoort bij iemand in loondienst, zoals recht op loondoorbetaling bij ziekte en ontslagbescherming.</p>
<div style="font-size:smaller" class="im_source">Bron:Overig | wetsvoorstel | 36.783 | 15-06-2026</div>
<p>Het bericht <a href="https://boekmar.nl/wet-invoering-rechtsvermoeden-van-arbeidsovereenkomst-op-basis-van-uurtarief-aangenomen/">Wet invoering rechtsvermoeden van arbeidsovereenkomst op basis van uurtarief aangenomen</a> verscheen eerst op <a href="https://boekmar.nl">BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Beneficiaire aanvaarding beschermt niet tegen erfbelasting</title>
		<link>https://boekmar.nl/beneficiaire-aanvaarding-beschermt-niet-tegen-erfbelasting/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[BoekMar]]></dc:creator>
		<pubDate>Thu, 18 Jun 2026 04:00:00 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Successiewet]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://im-67519</guid>

					<description><![CDATA[<p>Een vrouw overlijdt in 2022 en laat een testament na uit 1986. Daarin benoemt zij haar echtgenoot en dochter tot erfgenaam, ieder voor de helft. De echtgenoot krijgt een legaat tegen inbreng van de waarde en het vruchtgebruik van de gehele</p>
<p>Het bericht <a href="https://boekmar.nl/beneficiaire-aanvaarding-beschermt-niet-tegen-erfbelasting/">Beneficiaire aanvaarding beschermt niet tegen erfbelasting</a> verscheen eerst op <a href="https://boekmar.nl">BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Een vrouw overlijdt in 2022 en laat een testament na uit 1986. Daarin benoemt zij haar echtgenoot en dochter tot erfgenaam, ieder voor de helft. De echtgenoot krijgt een legaat tegen inbreng van de waarde en het vruchtgebruik van de gehele nalatenschap. De dochter verkrijgt de bloot eigendom. De inspecteur legt een aanslag erfbelasting op van &euro; 2.500, later verminderd tot &euro; 2.444. De dochter maakt bezwaar.</p>
<h4>Gebrouilleerde verhouding met vader</h4>
<p>De dochter heeft de nalatenschap beneficiair aanvaard. Zij heeft geen toegang tot de nalatenschap en de verhouding met haar vader is gebrouilleerd. Via haar gemachtigde vraagt zij de vader de erfbelasting te betalen. De vader laat via de executeur weten dat hij de erfbelasting niet wenst te betalen. De dochter stelt dat sprake is van een individuele en buitensporige last in de zin van het EVRM.</p>
<h4>Beneficiaire aanvaarding ziet op schulden, niet op heffing</h4>
<p>De rechtbank oordeelt dat de beneficiaire aanvaarding niet afdoet aan de verschuldigdheid van erfbelasting. De beneficiaire aanvaarding ziet uitsluitend op de aansprakelijkheid voor schulden van de nalatenschap, niet op de heffing van erfbelasting. Het moment van overlijden is bepalend voor de belastingschuld. De dochter is als erfgenaam erfbelasting verschuldigd over haar verkrijging van het bloot eigendom.</p>
<h4>Weigering vader is civielrechtelijke kwestie</h4>
<p>De rechtbank overweegt dat de erfbelasting in beginsel voor rekening van de vruchtgebruiker komt. Dat de vader de erfbelasting niet wenst te betalen, is echter een civielrechtelijke kwestie die niet afdoet aan het fiscale oordeel. De dochter heeft bovendien niet aannemelijk gemaakt dat zij ook in de toekomst feitelijk niets meer zal verkrijgen van de erfenis. Van een individuele en buitensporige last is daarom geen sprake. De aanslag blijft in stand.</p>
<div style="font-size:smaller" class="im_source">Bron:Rechtbank Zeeland-West-Brabant | jurisprudentie | ECLI:NL:RBZWB:2026:4356 | 18-05-2026</div>
<p>Het bericht <a href="https://boekmar.nl/beneficiaire-aanvaarding-beschermt-niet-tegen-erfbelasting/">Beneficiaire aanvaarding beschermt niet tegen erfbelasting</a> verscheen eerst op <a href="https://boekmar.nl">BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Niet meer oproepen is onregelmatige opzegging</title>
		<link>https://boekmar.nl/niet-meer-oproepen-is-onregelmatige-opzegging/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[BoekMar]]></dc:creator>
		<pubDate>Thu, 18 Jun 2026 04:00:00 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Arbeidsrecht]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://im-67577</guid>

					<description><![CDATA[<p>De beslissing van de werkgever om een werknemer met een nulurencontract niet meer op te roepen voor werkzaamheden moet worden aangemerkt als een onregelmatige opzegging van de arbeidsovereenkomst. De werknemer is sinds 1 oktober 2024 in dienst. Na</p>
<p>Het bericht <a href="https://boekmar.nl/niet-meer-oproepen-is-onregelmatige-opzegging/">Niet meer oproepen is onregelmatige opzegging</a> verscheen eerst op <a href="https://boekmar.nl">BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>De beslissing van de werkgever om een werknemer met een nulurencontract niet meer op te roepen voor werkzaamheden moet worden aangemerkt als een onregelmatige opzegging van de arbeidsovereenkomst. De werknemer is sinds 1 oktober 2024 in dienst. Na augustus 2025 roept de werkgever hem niet meer op voor werkzaamheden. De werknemer spreekt zijn werkgever hierop aan en verzoekt betaling van achterstallig salaris, transitievergoeding en een gefixeerde schadevergoeding. De werkgever weigert betaling en stelt dat de arbeidsovereenkomst niet is be&euml;indigd, maar dat zij slechts is gestopt met oproepen.</p>
<h4>Onregelmatige opzegging&nbsp;</h4>
<p>Het blijvend niet meer oproepen voor werkzaamheden door de werkgever komt neer op een opzegging van de arbeidsovereenkomst. Omdat de werknemer niet heeft ingestemd en de opzegtermijn niet in acht is genomen, is sprake van een onregelmatige opzegging. Wanneer een arbeidsovereenkomst ten minste drie maanden heeft geduurd, wordt vermoed dat de bedongen arbeid in enige maand een omvang heeft die gelijk is aan de gemiddelde omvang van de arbeid per maand in de drie voorafgaande maanden De werknemer heeft aannemelijk gemaakt dat hij structureel meer uren werkte dan de nul uren uit het contract. De werkgever heeft dit vermoeden niet weerlegd en heeft geen deugdelijke urenregistratie overgelegd. De kantonrechter gaat daarom uit van de gestelde en met werkbriefjes onderbouwde arbeidsomvang van 43,5 uur per week.</p>
<h4>Loon en vergoedingen</h4>
<p>De vergoeding wegens onregelmatige opzegging en de transitievergoeding worden toegewezen. Ook het achterstallig salaris over juli en augustus en het opgebouwde vakantiegeld, vermeerderd met de wettelijke verhoging, worden toegewezen. De wettelijke rente over deze bedragen wordt eveneens toegewezen.&nbsp;De loonvordering vanaf september 2025 tot 24 november 2025 wordt afgewezen. De werknemer heeft zich niet beschikbaar gehouden voor werkzaamheden na het starten van een nieuwe baan. De werkgever moet binnen &eacute;&eacute;n maand correcte bruto/netto-specificaties verstrekken, op straffe van een dwangsom van &euro; 50 per dag tot maximaal &euro; 1.000.</p>
<div style="font-size:smaller" class="im_source">Bron:Rechtbank Noord-Holland | jurisprudentie | ECLI:NL:RBNHO:2026:4327 | 23-04-2026</div>
<p>Het bericht <a href="https://boekmar.nl/niet-meer-oproepen-is-onregelmatige-opzegging/">Niet meer oproepen is onregelmatige opzegging</a> verscheen eerst op <a href="https://boekmar.nl">BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Herverdeling inkomen leidt tot hogere belastingrente</title>
		<link>https://boekmar.nl/herverdeling-inkomen-leidt-tot-hogere-belastingrente/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[BoekMar]]></dc:creator>
		<pubDate>Thu, 18 Jun 2026 04:00:00 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Inkomstenbelasting]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://im-67576</guid>

					<description><![CDATA[<p>Een echtpaar vraagt om herverdeling van de gezamenlijke inkomensbestanddelen over 2019. De inspecteur legt een navorderingsaanslag op aan de man en geeft een teruggaaf aan de vrouw. Bij de navorderingsaanslag brengt de inspecteur &#8364; 3.681 aan</p>
<p>Het bericht <a href="https://boekmar.nl/herverdeling-inkomen-leidt-tot-hogere-belastingrente/">Herverdeling inkomen leidt tot hogere belastingrente</a> verscheen eerst op <a href="https://boekmar.nl">BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Een echtpaar vraagt om herverdeling van de gezamenlijke inkomensbestanddelen over 2019. De inspecteur legt een navorderingsaanslag op aan de man en geeft een teruggaaf aan de vrouw. Bij de navorderingsaanslag brengt de inspecteur &euro; 3.681 aan belastingrente in rekening, meer dan het echtpaar oorspronkelijk samen verschuldigd was. De man protesteert. Hij vindt het niet terecht dat de inspecteur bij een herverdeling meer belastingrente in rekening brengt.</p>
<h4>Oorspronkelijk te weinig rente berekend</h4>
<p>Hij wijst erop dat de totale belastingrente bij de oorspronkelijke aanslagen slechts &euro; 2.675 bedroeg. Door de herverdeling stijgt zijn belastingrente dus fors. De inspecteur erkent echter dat hij bij de oorspronkelijke aanslagen een fout had gemaakt. Hij had de rente over een te korte periode berekend. Eigenlijk had de totale belastingrente &euro; 6.889 moeten zijn. De man heeft dus juist voordeel gehad van de fout.</p>
<h4>Beroep op EVRM en evenredigheid</h4>
<p>De man stelt dat het percentage belastingrente in strijd is met hogere regelgeving. Hij beroept zich onder meer op het EVRM en het evenredigheidsbeginsel. De rechtbank verwijst naar een arrest van de Hoge Raad van 16 januari 2026. Daarin oordeelde de Hoge Raad weliswaar dat de belastingrente voor de vennootschapsbelasting te hoog is, maar dat dit niet geldt voor de inkomstenbelasting. Het rentepercentage is niet disproportioneel. De prikkel om tijdig en juist aangifte te doen is immers een legitiem doel.</p>
<h4>Wijziging door verzoek, niet door bezwaar</h4>
<p>Subsidiair beroept de man zich op het verbod van reformatio in peius. De belastingrente mag door het bezwaar niet hoger worden dan bij de oorspronkelijke aanslagen. De rechtbank gaat hier niet in mee. De belastingrente is namelijk gewijzigd als gevolg van het verzoek om een andere verdeling, niet door het bezwaar. Dat de inspecteur bij de oorspronkelijke aanslagen te weinig rente in rekening had gebracht, doet daar niet aan af. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.</p>
<div style="font-size:smaller" class="im_source">Bron:Rechtbank Gelderland | jurisprudentie | ECLI:NL:RBGEL:2026:3362 | 28-04-2026</div>
<p>Het bericht <a href="https://boekmar.nl/herverdeling-inkomen-leidt-tot-hogere-belastingrente/">Herverdeling inkomen leidt tot hogere belastingrente</a> verscheen eerst op <a href="https://boekmar.nl">BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Crypto-investering op naam dga niet aftrekbaar bij bv</title>
		<link>https://boekmar.nl/crypto-investering-op-naam-dga-niet-aftrekbaar-bij-bv/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[BoekMar]]></dc:creator>
		<pubDate>Thu, 18 Jun 2026 04:00:00 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Vennootschapsbelasting]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://im-67575</guid>

					<description><![CDATA[<p>Een dga sluit een overeenkomst voor de aankoop van cryptotokens. De bv maakt het aankoopbedrag van &#8364; 250.000 over. De tokens blijken waardeloos. De bv wil het verlies ten laste van haar resultaat brengen. De inspecteur weigert de afwaardering.</p>
<p>Het bericht <a href="https://boekmar.nl/crypto-investering-op-naam-dga-niet-aftrekbaar-bij-bv/">Crypto-investering op naam dga niet aftrekbaar bij bv</a> verscheen eerst op <a href="https://boekmar.nl">BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Een dga sluit een overeenkomst voor de aankoop van cryptotokens. De bv maakt het aankoopbedrag van &euro; 250.000 over. De tokens blijken waardeloos. De bv wil het verlies ten laste van haar resultaat brengen. De inspecteur weigert de afwaardering. De overeenkomst staat immers op naam van de dga, niet op naam van de bv.&nbsp;</p>
<h4>Investering in cryptomining</h4>
<p>In 2018 wordt de dga benaderd door een bedrijf uit de Verenigde Arabische Emiraten. Het bedrijf wil geld ophalen voor een cryptominingonderneming. De dga krijgt een brochure met mooie rendementsvooruitzichten. Hij sluit een overeenkomst voor de aankoop van ruim 422 miljoen tokens voor &euro; 250.000. De tokens geven recht op een maandelijks aandeel in de opbrengst van de mining. De bv maakt het bedrag over. In de jaarrekening 2018 van de bv worden de tokens opgenomen onder financi&euml;le vaste activa.</p>
<h4>Investering blijkt waardeloos</h4>
<p>Het blijkt echter dat er niets gebeurt met het geld. De cryptomining komt nooit van de grond. In mei 2020 bevestigt een van de betrokkenen per e-mail dat het project is mislukt en de investering waardeloos is. Een onderzoeksbureau concludeert in opdracht van de dga dat voldoende grond bestaat voor aangifte wegens oplichting. In de aangifte vennootschapsbelasting 2019 brengt de bv de volledige &euro; 250.000 in aftrek als afwaardering van de tokens.</p>
<h4>Overeenkomst staat op naam dga</h4>
<p>De inspecteur weigert de aftrek. De overeenkomst is immers door de dga in priv&eacute; gesloten, niet door de bv. Ook het ontvangstbewijs voor de tokens staat op naam van de dga. Dat de bv het bedrag heeft overgemaakt, maakt dit niet anders. De betaling kwalificeert als verkapte winstuitdeling aan de dga. De inspecteur legt een aanslag op naar een belastbaar bedrag van &euro; 3.556.548 in plaats van de aangegeven &euro; 3.306.548.</p>
<h4>Hof volgt inspecteur</h4>
<p>De curator van de inmiddels failliete bv gaat in beroep. Hij stelt dat de bv om zakelijke redenen in de tokens heeft ge&iuml;nvesteerd, namelijk om handelstransacties in cryptovaluta te faciliteren. Het hof oordeelt dat de bewijslast bij de curator ligt. Uit de overeenkomst blijkt nergens dat de dga namens de bv handelde. De curator heeft ook geen e-mails of andere stukken uit 2018 overgelegd waaruit dit zou kunnen blijken. De inspecteur had hier al v&oacute;&oacute;r het faillissement om gevraagd. Dat de stukken er niet meer zijn, komt voor rekening van de bv. Bovendien heeft de accountant zich onthouden van een oordeel over de jaarrekening. De afwaardering is terecht geweigerd.</p>
<div style="font-size:smaller" class="im_source">Bron:Gerechtshof Den Haag | jurisprudentie | ECLI:NL:GHDHA:2026:1023 | 18-03-2026</div>
<p>Het bericht <a href="https://boekmar.nl/crypto-investering-op-naam-dga-niet-aftrekbaar-bij-bv/">Crypto-investering op naam dga niet aftrekbaar bij bv</a> verscheen eerst op <a href="https://boekmar.nl">BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Hoge Raad verruimt mogelijkheid om belastingschuld aan te vechten</title>
		<link>https://boekmar.nl/hoge-raad-verruimt-mogelijkheid-om-belastingschuld-aan-te-vechten/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[BoekMar]]></dc:creator>
		<pubDate>Thu, 18 Jun 2026 04:00:00 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Civiel recht]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://im-67574</guid>

					<description><![CDATA[<p>Een adviseur begeleidt de sanering van een groep vennootschappen. De vennootschappen gaan failliet. De curator stelt de adviseur aansprakelijk voor de schade van de schuldeisers. Die schade bestaat grotendeels uit belastingschulden. De adviseur vindt</p>
<p>Het bericht <a href="https://boekmar.nl/hoge-raad-verruimt-mogelijkheid-om-belastingschuld-aan-te-vechten/">Hoge Raad verruimt mogelijkheid om belastingschuld aan te vechten</a> verscheen eerst op <a href="https://boekmar.nl">BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Een adviseur begeleidt de sanering van een groep vennootschappen. De vennootschappen gaan failliet. De curator stelt de adviseur aansprakelijk voor de schade van de schuldeisers. Die schade bestaat grotendeels uit belastingschulden. De adviseur vindt dat die belastingschulden niet kloppen en wil dat de Ontvanger ze intrekt. Kan een buitenstaander de belastingschuld van een ander aanvechten?</p>
<h4>Faillissement en Peeters/Gatzen-vordering</h4>
<p>In 2006 gaan zeven vennootschappen failliet. De Ontvanger dient naheffingsaanslagen loonheffing en omzetbelasting in. De curator stelt de adviseur aansprakelijk namens de gezamenlijke schuldeisers wegens onrechtmatig handelen bij de sanering. Dit is een zogeheten Peeters/Gatzen-vordering: de curator vordert niet namens de boedel, maar namens alle schuldeisers gezamenlijk. Het hof wijst de vordering toe en veroordeelt de adviseur tot schadevergoeding. De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep.</p>
<h4>Nieuwe administratie duikt op</h4>
<p>Jaren later krijgt de adviseur administratie in handen waaruit zou blijken dat de vennootschappen helemaal geen omzetbelastingschulden hadden. Hij probeert het arrest te laten herroepen. De Hoge Raad vernietigt de afwijzing van dat verzoek en wijst de zaak terug. Uiteindelijk schikken de adviseur en de curator. Maar daarmee is de kous niet af. De adviseur wil ook dat de Ontvanger de belastingaanslagen intrekt.</p>
<h4>Ontvanger erkent kleine fout</h4>
<p>De adviseur vraagt de Ontvanger de belastingaanslagen te toetsen op materi&euml;le verschuldigdheid. De Ontvanger erkent dat een bedrag van &euro; 14.006 ten onrechte niet is verrekend, maar wijst het verzoek voor het overige af. De aanslagen zijn volgens hem niet onmiskenbaar onjuist. De adviseur stapt naar de burgerlijke rechter en eist intrekking plus schadevergoeding. De rechtbank en het hof wijzen de vorderingen af.</p>
<h4>Ommezwaai bij verhaalsconcurrentie</h4>
<p>De Hoge Raad zet de regels op een rij. Als de Ontvanger iemand aansprakelijk stelt voor de belastingschuld van een ander, mag die persoon de juistheid van de schuld bij de burgerlijke rechter betwisten. Nieuw is dat dit ook geldt bij verhaalsconcurrentie, de situatie waarin de Ontvanger en een andere schuldeiser beide verhaal zoeken op dezelfde schuldenaar. Op dit punt komt de Hoge Raad uitdrukkelijk terug van zijn in 2011 gewezen arrest Dumatrust/Ontvanger.</p>
<h4>Adviseur vangt bot</h4>
<p>De adviseur valt echter buiten deze categorie&euml;n. Hij is niet door de Ontvanger aansprakelijk gesteld en er is geen verhaalsconcurrentie. Het is de curator die hem aansprakelijk heeft gesteld. In zo&#39;n geval moet de adviseur het uitvechten met de curator, ni&eacute;t met de Ontvanger. De Ontvanger handelt pas onrechtmatig als hij bij indiening of handhaving van de vordering wist, of na onderzoek had moeten weten, dat de aanslagen niet klopten. Dat is hier niet gebleken. De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep.</p>
<div style="font-size:smaller" class="im_source">Bron:Hoge Raad | jurisprudentie | ECLI:NL:HR:2026:817 | 28-05-2026</div>
<p>Het bericht <a href="https://boekmar.nl/hoge-raad-verruimt-mogelijkheid-om-belastingschuld-aan-te-vechten/">Hoge Raad verruimt mogelijkheid om belastingschuld aan te vechten</a> verscheen eerst op <a href="https://boekmar.nl">BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Voorlopige inhoud Belastingplan 2027</title>
		<link>https://boekmar.nl/voorlopige-inhoud-belastingplan-2027/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[BoekMar]]></dc:creator>
		<pubDate>Thu, 18 Jun 2026 04:00:00 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Belastingplan]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://im-67564</guid>

					<description><![CDATA[<p>De voorlopige inhoud van het Belastingplan 2027-pakket geeft een eerste blik op de aanstaande wijzigingen. Het pakket Belastingplan 2027 omvat vier wetsvoorstellen, waaronder het Belastingplan 2027 zelf en het wetsvoorstel Overige Fiscale Maatregelen</p>
<p>Het bericht <a href="https://boekmar.nl/voorlopige-inhoud-belastingplan-2027/">Voorlopige inhoud Belastingplan 2027</a> verscheen eerst op <a href="https://boekmar.nl">BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>De voorlopige inhoud van het Belastingplan 2027-pakket geeft een eerste blik op de aanstaande wijzigingen. Het pakket Belastingplan 2027 omvat vier wetsvoorstellen, waaronder het Belastingplan 2027 zelf en het wetsvoorstel Overige Fiscale Maatregelen 2027, dat technische aanpassingen bevat zonder budgettaire gevolgen. Daarnaast zijn er wetsvoorstellen voor veiligehavenregels Wet minimumbelasting 2024 en fiscale stimulering van startups en scale-ups.</p>
<p><strong>Overdrachtsbelasting en btw</strong><br />
De overdrachtsbelasting voor particuliere investeerders daalt van 8% naar 7% per 1 januari 2027 voor woningen waarin de verkrijger niet zelf duurzaam gaat wonen. Ook komt er een nieuwe vrijstelling in de overdrachtsbelasting voor woningcorporaties die DAEB-woningen aan elkaar overdragen. Het lage btw-tarief voor sierteeltproducten stijgt van 9% naar het algemene btw-tarief van 21% per 1 januari 2028.</p>
<p><strong>Aftrekposten en accijnzen</strong><br />
De aftrek van uitgaven voor specifieke zorgkosten wordt afgeschaft per 2028. De startersaftrek wordt per 1 januari 2027 verlaagd en per 1 januari 2028 volledig afgeschaft. De onbelaste reiskostenvergoeding stijgt met &euro; 0,02 naar &euro; 0,25 per kilometer, met terugwerkende kracht tot 1 januari 2026. De korting op de brandstofaccijns voor benzine wordt verlengd in 2027, waarna het reguliere tarief per 1 januari 2028 weer van toepassing is. Vanaf 2027 worden de alcoholaccijnzen jaarlijks ge&iuml;ndexeerd.</p>
<p><strong>Fiscale stimulering en overige maatregelen</strong><br />
Het aftrekpercentage van de energie-investeringsaftrek (EIA) wordt per 1 januari 2027 verhoogd van 40% naar 45,5%. De fiscale behandeling van valutaresultaten op afdekkingsinstrumenten onder de deelnemingsvrijstelling wordt aangepast om onevenwichtigheden weg te nemen. De accijnsteruggaafregeling voor bio- en hernieuwbare brandstoffen wordt per 1 januari 2027 be&euml;indigd.</p>
<div style="font-size:smaller" class="im_source">Bron:Ministerie van Financiën | wetsvoorstel | 2026D28734 | 09-06-2026</div>
<p>Het bericht <a href="https://boekmar.nl/voorlopige-inhoud-belastingplan-2027/">Voorlopige inhoud Belastingplan 2027</a> verscheen eerst op <a href="https://boekmar.nl">BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
	</channel>
</rss>
