<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	>

<channel>
	<title>Vennootschapsbelasting Archieven - BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</title>
	<atom:link href="https://boekmar.nl/category/vennootschapsbelasting/feed/" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>https://boekmar.nl/category/vennootschapsbelasting/</link>
	<description>Administratiekantoor in Bodegraven</description>
	<lastBuildDate>Tue, 30 Nov -001 00:00:00 +0000</lastBuildDate>
	<language>nl-NL</language>
	<sy:updatePeriod>
	hourly	</sy:updatePeriod>
	<sy:updateFrequency>
	1	</sy:updateFrequency>
	

<image>
	<url>https://boekmar.nl/ziw22/wp-content/uploads/2023/10/cropped-favicon-BoekMar-1-32x32.png</url>
	<title>Vennootschapsbelasting Archieven - BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</title>
	<link>https://boekmar.nl/category/vennootschapsbelasting/</link>
	<width>32</width>
	<height>32</height>
</image> 
	<item>
		<title>Cashbonus ipv aandelenrechten: mag een voorziening?</title>
		<link>https://boekmar.nl/cashbonus-ipv-aandelenrechten-mag-een-voorziening/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[BoekMar]]></dc:creator>
		<pubDate>Thu, 15 Oct 2026 04:00:00 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Vennootschapsbelasting]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://im-68861</guid>

					<description><![CDATA[<p>Vijf werknemers krijgen van de Franse moedervennootschap van hun werkgever voorwaardelijke rechten op aandelen. Zij ontvangen die aandelen alleen als zij na vier jaar nog in dienst zijn &#233;n aan bepaalde prestatiedoelen voldoen. Voordat de</p>
<p>Het bericht <a href="https://boekmar.nl/cashbonus-ipv-aandelenrechten-mag-een-voorziening/">Cashbonus ipv aandelenrechten: mag een voorziening?</a> verscheen eerst op <a href="https://boekmar.nl">BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Vijf werknemers krijgen van de Franse moedervennootschap van hun werkgever voorwaardelijke rechten op aandelen. Zij ontvangen die aandelen alleen als zij na vier jaar nog in dienst zijn &eacute;n aan bepaalde prestatiedoelen voldoen. Voordat de voorwaarden zijn vervuld, vindt een overname plaats. De nieuwe eigenaar doet de werknemers een voorstel: lever de voorwaardelijke aandelenrechten in en ontvang daarvoor een cashbonus. De cashbonus is niet gekoppeld aan de aanwezigheid in het bedrijf, prestaties of andere voorwaarden. Alle werknemers accepteren dit aanbod. Daardoor krijgen zij uiteindelijk geen aandelen, maar een bonus van in totaal ruim &euro; 630.000, uit te betalen in 2016 en 2018. Achteraf blijkt dat bij geen van de vijf werknemers zou zijn voldaan aan de voorwaarden om de rechten op aandelen onvoorwaardelijk te doen worden.</p>
<h4>Voorziening</h4>
<p>De Nederlandse werkgever wil deze toekomstige kosten al in 2015 verwerken door een fiscale voorziening te vormen. De inspecteur wijst dit verzoek af. Volgens hem valt de regeling onder de wettelijke aftrekbeperking voor aandelen- en optieregelingen. Die bepaling voorkomt dat een onderneming de kosten van aan werknemers toegekende aandelen of optierechten van de winst aftrekt. Volgens de inspecteur maakt het daarbij niet uit dat de rechten nog onder voorwaarden zijn toegekend.&nbsp;</p>
<h4>Aftrekbeperking&nbsp;</h4>
<p>De Hoge Raad ziet dat anders. Volgens de Hoge Raad ontstaat pas een daadwerkelijk aandelen- of optierecht als aan de opschortende voorwaarden is voldaan. Zolang dat niet gebeurt, kunnen werknemers hun rechten niet afdwingen. In deze zaak worden de voorwaardelijke rechten al eerder ingeruild voor een cashbonus. De voorwaarden worden dus nooit vervuld. Daardoor ontstaat fiscaal gezien nooit een aandelen- of optierecht waarop de aftrekbeperking van toepassing is.</p>
<h4>Cashbonus&nbsp;</h4>
<p>De cashbonus is daarom geen aandeelhouderslast die niet aftrekbaar is, maar een gewone ondernemingsuitgave. De werkgever mag hiervoor een voorziening vormen en die ten laste van de winst brengen.</p>
<div style="font-size:smaller" class="im_source">Bron:Hoge Raad | jurisprudentie | ECLI:NL:HR:2026:1631 | 08-10-2026</div>
<p>Het bericht <a href="https://boekmar.nl/cashbonus-ipv-aandelenrechten-mag-een-voorziening/">Cashbonus ipv aandelenrechten: mag een voorziening?</a> verscheen eerst op <a href="https://boekmar.nl">BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Lening met lage rente blijkt te hoog gewaardeerd</title>
		<link>https://boekmar.nl/lening-met-lage-rente-blijkt-te-hoog-gewaardeerd/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[BoekMar]]></dc:creator>
		<pubDate>Thu, 24 Sep 2026 04:00:00 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Vennootschapsbelasting]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://im-68669</guid>

					<description><![CDATA[<p>Een financieringsvennootschap krijgt binnen het concern een vordering van $ 207,7 miljoen op een werkmaatschappij in Kazachstan. De rente ligt ver onder de marktrente en de werkmaatschappij hoeft pas in 2031 iets te betalen. Als de vennootschap in</p>
<p>Het bericht <a href="https://boekmar.nl/lening-met-lage-rente-blijkt-te-hoog-gewaardeerd/">Lening met lage rente blijkt te hoog gewaardeerd</a> verscheen eerst op <a href="https://boekmar.nl">BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Een financieringsvennootschap krijgt binnen het concern een vordering van $ 207,7 miljoen op een werkmaatschappij in Kazachstan. De rente ligt ver onder de marktrente en de werkmaatschappij hoeft pas in 2031 iets te betalen. Als de vennootschap in 2018 naar Hongarije verhuist, claimt zij op die vordering een verlies van $ 37,6 miljoen. Het hof vindt dat verlies niet aftrekbaar. De vordering had vanaf het begin voor een lager bedrag op de balans moeten staan en dan is er bij vertrek geen verlies.</p>
<h4>Minder waard dan op papier</h4>
<p>De waarde van een vordering is niet altijd gelijk aan de nominale waarde. Stel dat iemand belooft je over vijftien jaar &euro; 100 terug te betalen, zonder rente. Een koper betaalt daar vandaag flink minder voor, want elders levert zijn geld rente op. Die lagere prijs heet de contante waarde. De werkmaatschappij betaalt 0,1 procentpunt boven het interbancaire tarief, terwijl partijen een opslag van 2,75 procentpunt zakelijk vinden. Betalen hoeft pas op 1 februari 2031. De contante waarde van de vordering is daardoor fors minder dan $ 207,7 miljoen.</p>
<h4>Afrekenen bij vertrek</h4>
<p>De vennootschap zet de vordering toch voor het volle bedrag op haar balans. Voor de Belastingdienst telt zij elk jaar een zakelijke rente bij haar winst. Op 25 juli 2018 verhuist haar feitelijke leiding naar Hongarije. Bij zo&#39;n vertrek moet er worden afgerekend alsof de vennootschap haar bezittingen verkoopt tegen de werkelijke waarde. Voor de vordering is dat $ 170,1 miljoen. Het verschil met de balanswaarde neemt de vennootschap als verlies. De inspecteur weigert de aftrek.</p>
<h4>Meteen de lagere waarde</h4>
<p>Volgens het hof verkrijgt de vennootschap de vordering op 9 december 2016 door een overdracht binnen het concern. Een nieuwe bezitting hoort op de balans voor haar werkelijke waarde. Hier is dat de contante waarde. Doorslaggevend is dat v&oacute;&oacute;r 2031 niets opeisbaar is. Daardoor staat al bij de verkrijging vast hoeveel rente de vennootschap misloopt. Elk jaar groeit de waarde daarna richting het volle bedrag, en die groei telt als winst.</p>
<h4>Fout alsnog hersteld</h4>
<p>De vordering staat dus sinds 2016 te hoog op de balans. Zo&#39;n balansfout mag de inspecteur herstellen in het oudste jaar dat nog openstaat. Hier is dat 2018: over 2017 heeft hij na de rechtbankuitspraak geen belang bij hoger beroep. Op 1 januari 2018 staat de vordering daarom voor de contante waarde van $ 166,5 miljoen op de balans. Met een waarde van $ 170,1 miljoen bij vertrek is er dus geen verlies.&nbsp;</p>
<div style="font-size:smaller" class="im_source">Bron:Gerechtshof Amsterdam | jurisprudentie | ECLI:NL:GHAMS:2026:2366 | 15-04-2026</div>
<p>Het bericht <a href="https://boekmar.nl/lening-met-lage-rente-blijkt-te-hoog-gewaardeerd/">Lening met lage rente blijkt te hoog gewaardeerd</a> verscheen eerst op <a href="https://boekmar.nl">BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Wie een vordering afwaardeert, moet eerst bewijzen dat die bestaat</title>
		<link>https://boekmar.nl/wie-een-vordering-afwaardeert-moet-eerst-bewijzen-dat-die-bestaat/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[BoekMar]]></dc:creator>
		<pubDate>Thu, 03 Sep 2026 04:00:00 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Vennootschapsbelasting]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://im-68361</guid>

					<description><![CDATA[<p>Een afwaardering van een vordering begint niet bij de vraag of de lening zakelijk is, maar bij het dossier waaruit blijkt dat de lening bestaat. Een leningsovereenkomst, een corresponderende schuld bij de debiteur en een consequente vermelding in</p>
<p>Het bericht <a href="https://boekmar.nl/wie-een-vordering-afwaardeert-moet-eerst-bewijzen-dat-die-bestaat/">Wie een vordering afwaardeert, moet eerst bewijzen dat die bestaat</a> verscheen eerst op <a href="https://boekmar.nl">BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Een afwaardering van een vordering begint niet bij de vraag of de lening zakelijk is, maar bij het dossier waaruit blijkt dat de lening bestaat. Een leningsovereenkomst, een corresponderende schuld bij de debiteur en een consequente vermelding in beide aangiften zijn geen formaliteiten, maar het bewijs zelf.</p>
<h4>Een lening uit 2006</h4>
<p>Een vennootschap bestaat sinds 1996 en heeft &eacute;&eacute;n aandeelhouder. Die aandeelhouder houdt daarnaast 50% van de aandelen in de latere debiteur, die in 2006 een voormalige slipbaan koopt. Voor die aankoop verstrekt de vennootschap naar eigen zeggen een lening. Haar jaarrekening 2017 toont per eind 2016 een vordering van &euro; 95.397, die met bijgeschreven rente van 5% oploopt tot &euro; 147.544. Een jaar later is die post verdwenen en loopt &euro; 142.504 als buitengewone last door de winst-en-verliesrekening. De debiteur wordt in maart 2018 ontbonden.</p>
<h4>Bewijslast bij de inspecteur</h4>
<p>De inspecteur laat de last niet in aftrek toe. Hij stelt het verlies bij beschikking vast op &euro; 116.485. Volgens hem is de vordering een onzakelijke lening, want geen derde zou dit debiteurenrisico aanvaarden. De rechtbank legt de bewijslast daarvoor bij de inspecteur en oordeelt dat de inspecteur daar niet in slaagt. Het verlies gaat conform de aangifte naar &euro; 258.989. In hoger beroep stelt de inspecteur primair dat er geen vordering is.&nbsp;Dat keert de bewijspositie om.</p>
<h4>Nergens een spoor</h4>
<p>Wie een last opvoert, moet die zelf aannemelijk maken. De jaarrekening 2017 van de debiteur vermeldt geen corresponderende schuld. In de aangiften vennootschapsbelasting over 2010 tot en met 2014 noemt geen van beide vennootschappen de lening. Ook de jaarrekening 2007 van de belastingplichtige, het jaar na de gestelde lening, toont geen vordering op de debiteur, maar alleen een deelneming en enkele kortlopende vorderingen. Dat valt niet te rijmen met een lening uit 2006 voor de slipbaan. Verdere bewijsstukken ontbreken.</p>
<div style="font-size:smaller" class="im_source">Bron:Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden | jurisprudentie | ECLI:NL:GHARL:2026:4498 | 06-07-2026</div>
<p>Het bericht <a href="https://boekmar.nl/wie-een-vordering-afwaardeert-moet-eerst-bewijzen-dat-die-bestaat/">Wie een vordering afwaardeert, moet eerst bewijzen dat die bestaat</a> verscheen eerst op <a href="https://boekmar.nl">BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Slotkoers voorafgaande maand toegestaan bij waardering dividend in vreemde valuta</title>
		<link>https://boekmar.nl/slotkoers-voorafgaande-maand-toegestaan-bij-waardering-dividend-in-vreemde-valuta/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[BoekMar]]></dc:creator>
		<pubDate>Thu, 02 Jul 2026 04:00:00 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Vennootschapsbelasting]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://im-67648</guid>

					<description><![CDATA[<p>Een Nederlandse bv ontvangt dividend van haar Chinese dochtermaatschappij. Zij waardeert de dividendvordering in euro's tegen de slotkoers van de maand voorafgaand aan de transactie, zoals de concernrichtlijnen voorschrijven. De inspecteur vindt dat</p>
<p>Het bericht <a href="https://boekmar.nl/slotkoers-voorafgaande-maand-toegestaan-bij-waardering-dividend-in-vreemde-valuta/">Slotkoers voorafgaande maand toegestaan bij waardering dividend in vreemde valuta</a> verscheen eerst op <a href="https://boekmar.nl">BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Een Nederlandse bv ontvangt dividend van haar Chinese dochtermaatschappij. Zij waardeert de dividendvordering in euro&#39;s tegen de slotkoers van de maand voorafgaand aan de transactie, zoals de concernrichtlijnen voorschrijven. De inspecteur vindt dat zij de dagkoers had moeten gebruiken en legt een navorderingsaanslag op. De correctie bedraagt ruim &euro; 7,4 miljoen. Is het waarderingssysteem van de bv in overeenstemming met goed koopmansgebruik?</p>
<h4>Dividend uit China</h4>
<p>De bv is de Nederlandse tak van een beursgenoteerd logistiek concern en houdt belangen in meer dan 200 dochtermaatschappijen wereldwijd. In augustus 2015 keert een Chinese dochter een dividend uit, van omgerekend ruim &euro; 106 miljoen. De uitbetaling vindt pas in november plaats, omdat de goedkeuring van de Chinese fiscale autoriteiten voor een verlaagd tarief bronbelasting op zich laat wachten. De bv activeert de dividendvordering tegen de slotkoers van juli 2015 en waardeert de ontvangen betalingen tegen de slotkoers van oktober 2015. Dat levert een koersverlies op van bijna &euro; 2,5 miljoen.</p>
<h4>Inspecteur wil dagkoersen</h4>
<p>De inspecteur is het niet eens met deze werkwijze. Hij stelt dat de bv de dagkoers van de transactie had moeten hanteren en komt dan niet uit op een verlies, maar op een koerswinst van bijna &euro; 5 miljoen. De correctie van ruim &euro; 7,4 miljoen leidt tot een navorderingsaanslag over 2015 en doorwerking naar 2016. De inspecteur betoogt dat het waarderingssysteem van de bv in strijd is met goed koopmansgebruik, met de deelnemingsvrijstelling en met het totaalwinstbeginsel. Bovendien zou de interne concernovereenkomst onzakelijk zijn.</p>
<h4>Waarom de slotkoers?</h4>
<p>De bv legt uit dat alle concernonderdelen gebonden zijn aan een interne bankovereenkomst en aan concernbrede boekhoudvoorschriften. Deze schrijven voor dat transacties in vreemde valuta worden gewaardeerd tegen de slotkoers van de voorafgaande maand. Het waarderingssysteem heeft valide bedrijfseconomische redenen: de valutarisico&#39;s worden geconcentreerd bij de inhouse bank van het hoofdkantoor. Bovendien sluiten de administraties van alle concernonderdelen op deze manier goed op elkaar aan. Dit vergemakkelijkt het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening. De bv past dit systeem al decennialang bestendig toe.</p>
<h4>Goed koopmansgebruik</h4>
<p>De rechtbank oordeelt dat het waarderingssysteem van de bv in overeenstemming is met goed koopmansgebruik. Bedrijfseconomische inzichten en de civielrechtelijke werkelijkheid zijn leidend, zolang geen strijd ontstaat met een uitdrukkelijk wettelijk voorschrift. Daarvan is hier geen sprake. De bv heeft immers niet meer dividend ontvangen dan het in haar aangifte verantwoorde bedrag, zodat geen strijd is met de deelnemingsvrijstelling of het totaalwinstbeginsel. Dat de koers van de Chinese yuan ten opzichte van de euro grillig is, doet daar niet aan af. Het systeem beantwoordt aan zowel het realiteitsbeginsel als het eenvoudsbeginsel. De inspecteur heeft bovendien niet aannemelijk gemaakt dat de bv zich door het systeem structureel winst laat ontgaan. De rechtbank vernietigt de navorderingsaanslagen.</p>
<div style="font-size:smaller" class="im_source">Bron:Rechtbank Noord-Holland | jurisprudentie | ECLI:NL:RBNHO:2026:4173 | 14-04-2026</div>
<p>Het bericht <a href="https://boekmar.nl/slotkoers-voorafgaande-maand-toegestaan-bij-waardering-dividend-in-vreemde-valuta/">Slotkoers voorafgaande maand toegestaan bij waardering dividend in vreemde valuta</a> verscheen eerst op <a href="https://boekmar.nl">BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Crypto-investering op naam dga niet aftrekbaar bij bv</title>
		<link>https://boekmar.nl/crypto-investering-op-naam-dga-niet-aftrekbaar-bij-bv/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[BoekMar]]></dc:creator>
		<pubDate>Thu, 18 Jun 2026 04:00:00 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Vennootschapsbelasting]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://im-67575</guid>

					<description><![CDATA[<p>Een dga sluit een overeenkomst voor de aankoop van cryptotokens. De bv maakt het aankoopbedrag van &#8364; 250.000 over. De tokens blijken waardeloos. De bv wil het verlies ten laste van haar resultaat brengen. De inspecteur weigert de afwaardering.</p>
<p>Het bericht <a href="https://boekmar.nl/crypto-investering-op-naam-dga-niet-aftrekbaar-bij-bv/">Crypto-investering op naam dga niet aftrekbaar bij bv</a> verscheen eerst op <a href="https://boekmar.nl">BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Een dga sluit een overeenkomst voor de aankoop van cryptotokens. De bv maakt het aankoopbedrag van &euro; 250.000 over. De tokens blijken waardeloos. De bv wil het verlies ten laste van haar resultaat brengen. De inspecteur weigert de afwaardering. De overeenkomst staat immers op naam van de dga, niet op naam van de bv.&nbsp;</p>
<h4>Investering in cryptomining</h4>
<p>In 2018 wordt de dga benaderd door een bedrijf uit de Verenigde Arabische Emiraten. Het bedrijf wil geld ophalen voor een cryptominingonderneming. De dga krijgt een brochure met mooie rendementsvooruitzichten. Hij sluit een overeenkomst voor de aankoop van ruim 422 miljoen tokens voor &euro; 250.000. De tokens geven recht op een maandelijks aandeel in de opbrengst van de mining. De bv maakt het bedrag over. In de jaarrekening 2018 van de bv worden de tokens opgenomen onder financi&euml;le vaste activa.</p>
<h4>Investering blijkt waardeloos</h4>
<p>Het blijkt echter dat er niets gebeurt met het geld. De cryptomining komt nooit van de grond. In mei 2020 bevestigt een van de betrokkenen per e-mail dat het project is mislukt en de investering waardeloos is. Een onderzoeksbureau concludeert in opdracht van de dga dat voldoende grond bestaat voor aangifte wegens oplichting. In de aangifte vennootschapsbelasting 2019 brengt de bv de volledige &euro; 250.000 in aftrek als afwaardering van de tokens.</p>
<h4>Overeenkomst staat op naam dga</h4>
<p>De inspecteur weigert de aftrek. De overeenkomst is immers door de dga in priv&eacute; gesloten, niet door de bv. Ook het ontvangstbewijs voor de tokens staat op naam van de dga. Dat de bv het bedrag heeft overgemaakt, maakt dit niet anders. De betaling kwalificeert als verkapte winstuitdeling aan de dga. De inspecteur legt een aanslag op naar een belastbaar bedrag van &euro; 3.556.548 in plaats van de aangegeven &euro; 3.306.548.</p>
<h4>Hof volgt inspecteur</h4>
<p>De curator van de inmiddels failliete bv gaat in beroep. Hij stelt dat de bv om zakelijke redenen in de tokens heeft ge&iuml;nvesteerd, namelijk om handelstransacties in cryptovaluta te faciliteren. Het hof oordeelt dat de bewijslast bij de curator ligt. Uit de overeenkomst blijkt nergens dat de dga namens de bv handelde. De curator heeft ook geen e-mails of andere stukken uit 2018 overgelegd waaruit dit zou kunnen blijken. De inspecteur had hier al v&oacute;&oacute;r het faillissement om gevraagd. Dat de stukken er niet meer zijn, komt voor rekening van de bv. Bovendien heeft de accountant zich onthouden van een oordeel over de jaarrekening. De afwaardering is terecht geweigerd.</p>
<div style="font-size:smaller" class="im_source">Bron:Gerechtshof Den Haag | jurisprudentie | ECLI:NL:GHDHA:2026:1023 | 18-03-2026</div>
<p>Het bericht <a href="https://boekmar.nl/crypto-investering-op-naam-dga-niet-aftrekbaar-bij-bv/">Crypto-investering op naam dga niet aftrekbaar bij bv</a> verscheen eerst op <a href="https://boekmar.nl">BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Boete vervalt door strafrechtelijke vrijspraak, navordering niet</title>
		<link>https://boekmar.nl/boete-vervalt-door-strafrechtelijke-vrijspraak-navordering-niet/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[BoekMar]]></dc:creator>
		<pubDate>Thu, 11 Jun 2026 04:00:00 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Vennootschapsbelasting]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://im-67521</guid>

					<description><![CDATA[<p>Een recyclingbedrijf betaalt in 2017 ruim &#8364; 1 miljoen aan twee bv's voor de levering van cacaoveegsel en steigermateriaal. De FIOD vermoedt dat geen goederen zijn geleverd en dat het om witwassen gaat. De strafrechter spreekt het bedrijf vrij.</p>
<p>Het bericht <a href="https://boekmar.nl/boete-vervalt-door-strafrechtelijke-vrijspraak-navordering-niet/">Boete vervalt door strafrechtelijke vrijspraak, navordering niet</a> verscheen eerst op <a href="https://boekmar.nl">BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Een recyclingbedrijf betaalt in 2017 ruim &euro; 1 miljoen aan twee bv&#39;s voor de levering van cacaoveegsel en steigermateriaal. De FIOD vermoedt dat geen goederen zijn geleverd en dat het om witwassen gaat. De strafrechter spreekt het bedrijf vrij. Toch legt de inspecteur een navorderingsaanslag op. Mag dat na een vrijspraak? En wat betekent de vrijspraak voor de vergrijpboete?</p>
<h4>Opmerkelijke transacties</h4>
<p>Het recyclingbedrijf maakt deel uit van een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting. In 2017 stelt het bedrijf creditfacturen op aan twee bv&#39;s: &euro; 325.000 voor cacaoveegsel en &euro; 753.280 voor steigermateriaal. Het bedrijf betaalt deze bedragen aan de twee bv&#39;s en brengt ze als inkoopkosten in aftrek. De FIOD doet onderzoek. De twee bv&#39;s blijken holdings te zijn zonder activiteiten in de recyclingbranche. Weegbonnen, vrachtbrieven en andere documenten die de leveringen onderbouwen, ontbreken. De dga verklaart dat hij niet weet van wie de goederen afkomstig zijn en dat hij geen contactpersoon heeft bij een van de bv&#39;s.</p>
<h4>Vrijspraak voor witwassen en valsheid in geschrifte</h4>
<p>Het recyclingbedrijf wordt vervolgd voor witwassen en valsheid in geschrifte. De strafrechter spreekt het bedrijf vrij. Er zijn weliswaar aanwijzingen dat een goederenstroom ontbreekt, maar er is onvoldoende wettig en overtuigend bewijs dat de facturen vals zijn. De inspecteur legt desondanks een navorderingsaanslag op van ruim &euro; 1 miljoen aan gecorrigeerde winst, plus een vergrijpboete van &euro; 129.785.</p>
<h4>Belastingrechter oordeelt zelfstandig</h4>
<p>De rechtbank oordeelt dat de strafrechtelijke vrijspraak niet in de weg staat aan de navorderingsaanslag. De belastingrechter vormt zelfstandig een oordeel over de feiten en is daarbij niet gebonden aan het oordeel van de strafrechter. De bewijslast voor de inkoopkosten rust op het bedrijf. Het bedrijf slaagt daar niet in. De creditfacturen zijn door het bedrijf zelf opgesteld en worden niet ondersteund door achterliggende stukken of een geloofwaardige verklaring. Bij een kostenpost van ruim &euro; 1 miljoen mag worden verwacht dat deze kan worden onderbouwd met objectieve en verifieerbare gegevens.</p>
<h4>Boete sneuvelt op onschuldpresumptie</h4>
<p>Voor de vergrijpboete geldt een ander regime. De inspecteur moet overtuigend aantonen dat sprake is van opzet. Hij baseert zich uitsluitend op de bevindingen van het strafrechtelijke onderzoek en heeft geen aanvullend onderzoek verricht. De rechtbank oordeelt dat de inspecteur daarmee niet in zijn bewijslast slaagt. De boete verwijt het bedrijf in wezen dat het valse facturen heeft gebruikt. Dat uitgangspunt is na de strafrechtelijke vrijspraak in strijd met de onschuldpresumptie. De rechtbank vernietigt daarom de boete.</p>
<div style="font-size:smaller" class="im_source">Bron:Rechtbank Den Haag | jurisprudentie | ECLI:NL:RBDHA:2026:9897 | 23-04-2026</div>
<p>Het bericht <a href="https://boekmar.nl/boete-vervalt-door-strafrechtelijke-vrijspraak-navordering-niet/">Boete vervalt door strafrechtelijke vrijspraak, navordering niet</a> verscheen eerst op <a href="https://boekmar.nl">BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Systeem vergeet eerdere verrekening: navordering toegestaan</title>
		<link>https://boekmar.nl/systeem-vergeet-eerdere-verrekening-navordering-toegestaan/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[BoekMar]]></dc:creator>
		<pubDate>Tue, 12 May 2026 04:00:00 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Vennootschapsbelasting]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://im-67159</guid>

					<description><![CDATA[<p>Een bv ontvangt &#8364; 3,5 miljoen dubbel terug na een jarenlange procedure over verliesverrekening. Het systeem van de Belastingdienst 'vergeet' dat de voorlopige teruggaven al eerder waren teruggevorderd. De inspecteur corrigeert de fout via</p>
<p>Het bericht <a href="https://boekmar.nl/systeem-vergeet-eerdere-verrekening-navordering-toegestaan/">Systeem vergeet eerdere verrekening: navordering toegestaan</a> verscheen eerst op <a href="https://boekmar.nl">BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Een bv ontvangt &euro; 3,5 miljoen dubbel terug na een jarenlange procedure over verliesverrekening. Het systeem van de Belastingdienst &#39;vergeet&#39; dat de voorlopige teruggaven al eerder waren teruggevorderd. De inspecteur corrigeert de fout via navorderingsaanslagen. De bv stelt dat navordering op een verliesverrekeningsbeschikking niet mogelijk is. De rechter oordeelt anders. Een automatiseringsfout bij verliesverrekening kan worden hersteld via navordering.</p>
<h4>Verlies eerst afgewezen, later alsnog geaccepteerd</h4>
<p>De bv doet in 2011 aangifte vpb 2010 met een verlies van &euro; 17,3 miljoen. Zij vraagt voorlopige verliesverrekening (carry-back) naar de jaren 2007, 2008 en 2009. De inspecteur verleent voorlopige teruggaven van in totaal &euro; 3,5 miljoen. In 2014 legt de inspecteur de definitieve aanslag 2010 op naar een positief belastbaar bedrag. Hij accepteert het verlies niet en vordert de voorlopige teruggaven terug via die aanslag. De bv gaat in beroep en krijgt na een procedure tot aan de Hoge Raad in 2022 alsnog gelijk.</p>
<h4>Systeem genereert dubbele teruggaaf</h4>
<p>De inspecteur moet nu alsnog definitieve verliesverrekeningsbeschikkingen afgeven. Een medewerker voert het verlies in het systeem in. Het systeem maakt automatisch beschikkingen aan, maar houdt geen rekening met het feit dat de voorlopige teruggaven al waren teruggevorderd in 2014. Resultaat: de bv ontvangt opnieuw &euro; 3,5 miljoen. Uit een interne e-mail blijkt dat de medewerker niets kon aanpassen aan de verrekening van de voorlopige teruggaven. Het systeem bevatte die informatie niet meer.</p>
<h4>Geen nieuw feit, wel kenbare fout</h4>
<p>De inspecteur kan in deze zaak niet navorderen op grond van een nieuw feit. De inspecteur wist immers wat er was gebeurd. Hij wijkt daarom uit naar navordering wegens een kenbare fout. De bv stelt dat een verliesverrekeningsbeschikking geen belastingaanslag is en dat navordering langs die weg niet mogelijk is. De rechtbank verwerpt dit.&nbsp;</p>
<h4>Automatiseringsfout, geen beoordelingsfout</h4>
<p>De bv stelt verder dat sprake is van een beoordelingsfout die niet via navordering kan worden hersteld. De rechtbank oordeelt anders. De fout is veroorzaakt door de geautomatiseerde verwerking, niet door een onjuist inzicht van de inspecteur in de feiten of het recht. Dat de betrokken medewerkers het probleem onderkenden maar niet handmatig konden ingrijpen, maakt dit niet anders. De fout was bovendien kenbaar voor de bv: zij ontving &euro; 3,5 miljoen dubbel.</p>
<h4>Systeemrisico&#39;s niet voor rekening samenleving</h4>
<p>De rechtbank verwijst naar de parlementaire geschiedenis. Fouten als gevolg van de geautomatiseerde werkwijze behoren niet geheel voor rekening van de Belastingdienst te blijven. Het financi&euml;le gewin van een individuele belastingplichtige bij een kenbare fout mag niet worden afgewenteld op de samenleving. De navorderingsaanslagen zijn terecht opgelegd.</p>
<div style="font-size:smaller" class="im_source">Bron:Rechtbank Noord-Holland | jurisprudentie | ECLI:NL:RBNHO:2026:3214 | 10-03-2026</div>
<p>Het bericht <a href="https://boekmar.nl/systeem-vergeet-eerdere-verrekening-navordering-toegestaan/">Systeem vergeet eerdere verrekening: navordering toegestaan</a> verscheen eerst op <a href="https://boekmar.nl">BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Kosten eHerkenning geen excuus</title>
		<link>https://boekmar.nl/kosten-eherkenning-geen-excuus/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[BoekMar]]></dc:creator>
		<pubDate>Thu, 30 Apr 2026 04:00:00 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Vennootschapsbelasting]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://im-67006</guid>

					<description><![CDATA[<p>Een bv heeft over de jaren 2019 tot en met 2021 geen aangiften vpb gedaan. De bv stelt dat dit komt doordat aangifte alleen mogelijk is met eHerkenning. De hiervoor verschuldigde kosten kan zij niet betalen. De inspecteur legt hierop ambtshalve</p>
<p>Het bericht <a href="https://boekmar.nl/kosten-eherkenning-geen-excuus/">Kosten eHerkenning geen excuus</a> verscheen eerst op <a href="https://boekmar.nl">BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Een bv heeft over de jaren 2019 tot en met 2021 geen aangiften vpb gedaan. De bv stelt dat dit komt doordat aangifte alleen mogelijk is met eHerkenning. De hiervoor verschuldigde kosten kan zij niet betalen. De inspecteur legt hierop ambtshalve nihilaanslagen vpb op voor deze jaren en een verzuimboete van &euro; 2.757 voor het jaar 2021.</p>
<h4>Kosten eHerkenning niet onevenredig</h4>
<p>Kosten van eHerkenning zijn niet van een zodanige omvang dat zij onevenredig zijn in verhouding tot de doelen die de staatssecretaris van Financi&euml;n met de invoering van eHerkenning nastreeft. Zolang de bv bestaat moet zij jaarlijks, met gebruik van eHerkenning, aangifte vpb doen. De bv heeft bovendien niets aangevoerd over geleden verliezen in de betreffende jaren. De beroepen tegen de nihilaanslagen zijn daarom ongegrond.</p>
<h4>Verzuimboete verminderd</h4>
<p>De bv erkent dat zij de aangiften vpb over de jaren 2019 tot en met 2021 niet (tijdig) heeft gedaan. Het opleggen van een verzuimboete voor het jaar 2021 is dan ook terecht gebeurd. De rechtbank vermindert de verzuimboete wel in verband met de financi&euml;le omstandigheden van de bv. De boete wordt daarom eerst verminderd tot &euro; 500.</p>
<h4>Overschrijding redelijke termijn</h4>
<p>De boete wordt verder verminderd in verband met &#39;undue delay&#39;, oftewel de overschrijding van de redelijke termijn. Sinds de aankondiging van de boete zijn ruim 42 maanden verstreken. De redelijke termijn van twee jaar is daarmee met 18 maanden overschreden. De boete wordt gematigd met 15% tot &euro; 425.</p>
<div style="font-size:smaller" class="im_source">Bron:Rechtbank Zeeland-West-Brabant | jurisprudentie | ECLI:NL:RBZWB:2026:2478 | 01-04-2026</div>
<p>Het bericht <a href="https://boekmar.nl/kosten-eherkenning-geen-excuus/">Kosten eHerkenning geen excuus</a> verscheen eerst op <a href="https://boekmar.nl">BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Oude verliezen verrekenen na uitbreiding fiscale eenheid: meer ruimte dan gedacht</title>
		<link>https://boekmar.nl/oude-verliezen-verrekenen-na-uitbreiding-fiscale-eenheid-meer-ruimte-dan-gedacht/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[BoekMar]]></dc:creator>
		<pubDate>Thu, 16 Apr 2026 04:00:00 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Vennootschapsbelasting]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://im-66827</guid>

					<description><![CDATA[<p>Een fiscale eenheid groeit in de loop der jaren flink. Na uitbreiding met een winstgevende vennootschap wil de moedermaatschappij oude verliezen verrekenen. De Belastingdienst weigert dat. Volgens de inspecteur moet je eerst kijken naar het resultaat</p>
<p>Het bericht <a href="https://boekmar.nl/oude-verliezen-verrekenen-na-uitbreiding-fiscale-eenheid-meer-ruimte-dan-gedacht/">Oude verliezen verrekenen na uitbreiding fiscale eenheid: meer ruimte dan gedacht</a> verscheen eerst op <a href="https://boekmar.nl">BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Een fiscale eenheid groeit in de loop der jaren flink. Na uitbreiding met een winstgevende vennootschap wil de moedermaatschappij oude verliezen verrekenen. De Belastingdienst weigert dat. Volgens de inspecteur moet je eerst kijken naar het resultaat van de oorspronkelijke groep vennootschappen. Die groep maakt als geheel verlies, dus is er geen ruimte voor verliesverrekening. De rechter is het daar niet mee eens.</p>
<h4>Van verlies naar winst</h4>
<p>De moedermaatschappij vormt sinds 2015 een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting. Die fiscale eenheid wordt in de loop der jaren meermalen uitgebreid. In 2016 komt er een andere bestaande fiscale eenheid bij. In 2017 lijdt de gecombineerde groep een fors verlies van ruim &euro; 550 miljoen. In 2019 voegt de moedermaatschappij opnieuw vennootschappen toe aan de fiscale eenheid. Een van de vennootschappen blijkt bijzonder winstgevend. In 2020 maakt de hele fiscale eenheid een winst van &euro; 202 miljoen. Die winst komt vrijwel volledig van de in 2019 toegevoegde vennootschap.</p>
<h4>Oude verliezen verrekenen</h4>
<p>De moedermaatschappij wil het verlies uit 2017 verrekenen met de winst van 2020. Dat kan alleen met winst die toerekenbaar is aan de vennootschappen die in 2017 al tot de fiscale eenheid behoorden. De moedermaatschappij maakt zelf in 2020 echter verlies. De andere vennootschappen uit 2017 maken samen wel winst. De moedermaatschappij brengt haar eigen verlies in mindering op de winst van de in 2019 gevoegde vennootschap. Zo blijft de winst van de andere vennootschappen uit 2017 beschikbaar voor verrekening met het verlies uit 2017. De inspecteur accepteert deze werkwijze niet.</p>
<h4>Inspecteur hanteert clusterbenadering</h4>
<p>De inspecteur past de zogenoemde clusterbenadering toe. Die benadering houdt in dat je alle vennootschappen die in 2017 tot de fiscale eenheid behoorden, als &eacute;&eacute;n geheel beziet. Dat cluster maakt in 2020 per saldo verlies. Er is dus geen winst beschikbaar om het verlies uit 2017 mee te verrekenen. De inspecteur baseert zich op een beleidsbesluit uit 2024. De moedermaatschappij gaat in beroep.</p>
<h4>Rechtbank: geen dwingend voorschrift</h4>
<p>De rechtbank volgt de inspecteur niet. Het Besluit Fiscale Eenheid schrijft de clusterbenadering niet dwingend voor. Het woord &#39;ook&#39; laat ruimte voor een andere benadering. De toelichting beperkt de clusterbenadering tot de vraag of sprake is van voorvoegingsverliezen. Zij strekt zich niet uit tot de bepaling van de voor verrekening vatbare winst in het jaar van verrekening. Een voorbeeld uit de parlementaire geschiedenis ondersteunt die uitleg.</p>
<h4>Doel horizontale verliesverrekening</h4>
<p>Het doel van horizontale verliesverrekening is te voorkomen dat meer verlies wordt verrekend dan de winst die bij de fiscale eenheid tot uitdrukking komt. De benadering van de moedermaatschappij voldoet aan die eis. Zij verrekent niet meer dan de winst van de fiscale eenheid. Van ongeoorloofde kruislingse verliesverrekening is geen sprake. Het beleidsbesluit uit 2024 dateert van na het belastingjaar 2020 en kan de inspecteur niet helpen.</p>
<h4>Forse verlaging belastbaar bedrag</h4>
<p>De rechtbank verklaart het beroep gegrond. Het belastbaar bedrag daalt van &euro; 197 miljoen naar &euro; 59,5 miljoen. De verliesverrekeningsbeschikking wordt vastgesteld op &euro; 142 miljoen in plaats van &euro; 4,5 miljoen. De inspecteur kan nog in hoger beroep.</p>
<div style="font-size:smaller" class="im_source">Bron:Rechtbank Noord-Holland | jurisprudentie | ECLI:NL:RBNHO:2026:3196 | 24-03-2026</div>
<p>Het bericht <a href="https://boekmar.nl/oude-verliezen-verrekenen-na-uitbreiding-fiscale-eenheid-meer-ruimte-dan-gedacht/">Oude verliezen verrekenen na uitbreiding fiscale eenheid: meer ruimte dan gedacht</a> verscheen eerst op <a href="https://boekmar.nl">BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Kwijtscheldingswinstvrijstelling vervalt door herinvesteringsreserve</title>
		<link>https://boekmar.nl/kwijtscheldingswinstvrijstelling-vervalt-door-herinvesteringsreserve/</link>
		
		<dc:creator><![CDATA[BoekMar]]></dc:creator>
		<pubDate>Thu, 02 Apr 2026 04:00:00 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Vennootschapsbelasting]]></category>
		<guid isPermaLink="false">http://im-66719</guid>

					<description><![CDATA[<p>Een bv verkoopt in 2018 een schip met winst en vormt een herinvesteringsreserve. In 2019 scheldt de bank een deel van de schulden kwijt. De bv claimt de kwijtscheldingswinstvrijstelling, maar de rechtbank steekt daar een stokje voor. De</p>
<p>Het bericht <a href="https://boekmar.nl/kwijtscheldingswinstvrijstelling-vervalt-door-herinvesteringsreserve/">Kwijtscheldingswinstvrijstelling vervalt door herinvesteringsreserve</a> verscheen eerst op <a href="https://boekmar.nl">BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</a>.</p>
]]></description>
										<content:encoded><![CDATA[<p>Een bv verkoopt in 2018 een schip met winst en vormt een herinvesteringsreserve. In 2019 scheldt de bank een deel van de schulden kwijt. De bv claimt de kwijtscheldingswinstvrijstelling, maar de rechtbank steekt daar een stokje voor. De herinvesteringsreserve zorgt ervoor dat te veel verrekenbare verliezen resteren.</p>
<h4>Twee schepen verkocht</h4>
<p>Een moedermaatschappij staat aan het hoofd van een fiscale eenheid. Via een vennootschap onder firma (vof) bezit zij de helft van een vrachtschip. In 2018 wordt dat schip verkocht met een boekwinst van ruim &euro; 724.000. Die winst doteert zij aan de herinvesteringsreserve. In 2019 wordt de vof ontbonden. De bank verleent finale kwijting voor de resterende schulden. Het kwijtgescholden deel dat de moedermaatschappij aangaat, bedraagt bijna vier ton.</p>
<h4>Herinvestering via de fiscale eenheid</h4>
<p>De vervangende investeringen worden niet door de moedermaatschappij zelf gedaan, maar door twee dochtervennootschappen binnen de fiscale eenheid, die in 2019 nieuwe schepen aanschaffen. De moedermaatschappij boekt de herinvesteringsreserve af op deze investeringen.</p>
<h4>Vrijstelling geclaimd</h4>
<p>In de aangifte 2019 past de moedermaatschappij de kwijtscheldingswinstvrijstelling toe voor het volledige bedrag van bijna vier ton. Die vrijstelling geldt voor zover de kwijtscheldingswinst de verrekenbare verliezen overstijgt. De gedachte: als er geen verliezen meer zijn om te verrekenen, hoeft de kwijtscheldingswinst niet belast te worden.</p>
<h4>Probleem: de fiscale eenheid</h4>
<p>Bij een fiscale eenheid gelden speciale regels. De vrijstelling geldt alleen voor zover de bv er ook recht op zou hebben gehad als zij zelfstandig was gebleven. De moedermaatschappij betoogt dat zij dan geen herinvesteringsreserve had kunnen vormen. De vervangende investeringen deden immers de dochters, niet zijzelf. Zonder die reserve zou haar winst in 2018 ruim &euro; 830.000 zijn geweest en zouden alle eerdere verliezen zijn verrekend. In dat geval resteert geen verlies en is de vrijstelling volledig van toepassing.</p>
<h4>Rechtbank: herinvesteringsreserve telt mee</h4>
<p>De rechtbank volgt dit betoog niet. Bij de zelfstandige winstberekening moet de herinvesteringsreserve worden meegenomen bij de vennootschap die de boekwinst behaald heeft. Dat is nu eenmaal de moedermaatschappij. Zonder boekwinst valt niets te doteren, dus de reserve kan niet bij een andere vennootschap worden gevormd. Bovendien bestond een van de dochters in 2018 nog niet. Toerekening aan haar is dus ondenkbaar. Met de herinvesteringsreserve bedraagt de zelfstandige winst 2018 slechts &euro; 107.000, met als gevolg dat ruim &euro; 727.000 resteert aan verrekenbare verliezen. Die verliezen overstijgen de kwijtscheldingswinst. De vrijstelling vervalt.</p>
<div style="font-size:smaller" class="im_source">Bron:Rechtbank Den Haag | jurisprudentie | ECLI:NL:RBDHA:2026:3556 | 09-02-2026</div>
<p>Het bericht <a href="https://boekmar.nl/kwijtscheldingswinstvrijstelling-vervalt-door-herinvesteringsreserve/">Kwijtscheldingswinstvrijstelling vervalt door herinvesteringsreserve</a> verscheen eerst op <a href="https://boekmar.nl">BoekMar Administratieve Dienstverlening B.V.</a>.</p>
]]></content:encoded>
					
		
		
			</item>
	</channel>
</rss>
